top of page

Stijn en Ilona

Ilona gebruikt graag spreekwoorden. Maar ze haspelt ze door elkaar. In plaats van er om te lachen, corrigeert Stijn, haar man, haar telkens. Ze wilden graag wat minder ruzie maken, zeiden ze in de eerste sessie. Want ruzie maken doen ze. Over de kleinste dingen. Over koffiepads in de gootsteen, de met choco besmeurde broodplank, zijn vervelende gewoonte om lege verpakkingen terug in de (ijs)kast te zetten, haar rigide wassorteersysteem…

Ik vraag of ze naast het kibbelen over het huishouden ook over relationele thema’s twisten. Stijn kijkt zijn vrouw aan.

“Over de opvoeding van de kinderen trekken we wel aan dezelfde golflengte”, zegt Ilona. Toch gaan de ruzies niet over koffiepads. Hoewel dit koppel dezelfde normen en waarden uitdraagt en dezelfde opvoedkundige grenzen trekt, hebben ze voor hun relatie een emotionele bankrekening geopend: hoe meer je er goede acties op stort, hoe hoger het saldo, hoe gezonder de rekening, de relatie. Alleen werkt het mooie concept bij hen anders: zij moeten eerst storten voor ze mogen afhalen. Het voor wat, hoort wat-principe!

Zo worden hun inspanningen afgemeten. Wanneer er van elkaar geleend wordt, staat er een hoge mevrouw Leemans-rentevoet tegenover. Stijn gelooft dat je met duidelijke, rechtvaardige afspraken en een financieel en emotioneel kif kif ruzies kunt vermijden. Ik leg uit dat dit zeker een manier is om naar de praktisch organisatorische kant van hun relatie te kijken maar dat het voor hen niet werkt. Ilona geeft toe “dat het vaakhelemaal uit de hand escaleert”.

Over de kleinste dingen maken ze ruzie, zoals over koffiepads in de gootsteen

“Zullen we jullie machtsstrijd als een persoon hier in de ruimte zetten?”, vraag ik.

Hij – voor Ilona is het belangrijk dat we de strijd een mannelijke aanspreektitel geven – krijgt een stoel en een naam: Dirk. Daar moeten ze erg om lachen. Dirk is de naam van hun vervelende buurman. Ik zie twee mensen een gevoel voor humor delen en geniet mee van hun Dirk-anekdotes, maar ik breng ze terug naar deze kamer. De strijd wordt grondig geanalyseerd, het eigen aandeel ook. Ilona zoekt bij zichzelf, Stijn geeft toe dat hij zich schrap zet wanneer Ilona iets van hem wil. Met wat doorvragen belanden we bij het thema generositeit. Hoe voelt het voor Stijn om te mogen geven? Is het nog geven als je er iets voor terug wilt? We onderzoeken het spanningsveld tussen generositeit en zelfbehoud, Stijn ontdekt dat het grenzeloze geven hem angst inboezemt. Een genereus gebaar maken behelst een risico: je verliest iets. Ik teken twee stokmannetjes en tussen hen de cirkel van schenken en krijgen. Ilona vraagt of ruilen dan beter is. Als bedenking opper ik dat je bij ruilen ook iets in de plaats “krijgt”. Generositeit is geven zonder iets terug te verwachten en liefde vertrekt te vaak vanuit wat je partner voor jou moet betekenen, niet op welke manier jij voor je partner van waarde kan zijn. Er zullen periodes aanbreken waarin de ene partner enkel aan de ontvangende kant zal staan of omgekeerd, en dat mág. Het wordt stil. Hun handen liggen uitgeput naast hun schoot. Ilona’s wandelende vingers zoeken de zijne. Haar wijsvinger streelt de rug van zijn hand. Verrast kijkt hij haar aan en hun handen verstrengelen.

“Wat zijn we toch idioten”, zegt hij. “Er zijn harde noten gevallen, maar zie ons nu…”, zegt zij. Een vaststelling en een spontane omarming, universeel en genereus.


De Morgen Magazine, zaterdag 27 januari 2024

@demorgenmagazine


32 weergaven

Recente blogposts

Alles weergeven

Wolf

Joyce

bottom of page